zaterdag 23 januari 2016

Witoogeenden met gele kleurringen

waar komen die vandaan en wat is hun status?
 Witoogeend, adult ♂, rechts gele kleurring, Wercheren, Ooijpolder, Berg en Dal, 9 januari 2015 (©Harvey van Diek)

In april en september 2015 en januari 2016 verschenen in Gelderland Witoogeenden met een gele kleurring met zwarte inscriptie. Waar komen deze vandaan? Het gaat hier om vogels die in gevangenschap zijn geboren en grootgebracht en vervolgens zijn uitgezet bij het Steinhuder Meer, Wunstorf in het kader van een herintroductieproject in Nedersaksen, Duitsland, zo'n 180km van de Gelderse grens. Tussen het begin en juni 2013 kregen de eenden alleen een metalen ('Helgoland')ring aangemeten. Dit maakte het volgen echter lastig, aangezien ze vaak met de poten onder water of in begroeiing staan. Vanaf juli 2013 krijgen ze dan ook een gele ring met zwarte inscriptie (2 letters) om. Het probleem met uitgezette Witoogeenden met alleen een metalen ring, is dat ze in het veld vrijwel niet te onder scheiden zijn van geringde wilde vogels.De meeste eenden blijven rondhangen in de (ruime) omgeving van het Steinhuder Meer. Een aantal slaat echter aan het zwerven, en kunnen naast grotere waterpartijen dan ook op onverwachte locaties opduiken, zoals heidevennetjes en kleine vijvers. In het najaar sluiten Witoogeenden zich vaak aan bij de Kuif- en Tafeleend-concentraties op de Randmeren.
Figuur 1. Ligging projectgebied Steinhuder Meer, Wunstorf, Duitsland tov Holterhoek, Eibergen (Remco Wester)


Achtergrond
De Witoogeend is sinds de jaren '80 als broedvogel uit Nedersaksen verdwenen. Op initiatief van het Nedersaksische Ministerie van Milieu werd in het kader van het programma 'Arche Niedersachsen' vanaf 2010 gewerkt aan de planning voor herintroductie van de Witoogeend. Het project 'Moorente am Steinhuder Meer' startte in 2012 met als doel de soort als broedvogel weer terug te krijgen. De uitvoer van dit project is in handen van de NABU Niedersachsen, die Wildtier- und Artenschutzstation Sachsenhagen en het Ökologische Schutzstation Steinhuder Meer (ÖSSM). NABU en Sachsenhagen voerden haalbaarheidsstudies uit, ondermeer naar geschikte leefgebieden, de mogelijke oorsprong van de eenden, herintroductiemethoden en de risico's. De Witoogeenden worden aangeleverd door vele dierentuinen, zoals Tierpark Cottbus, de Opel-Zoo Kronberg (Taunus), Wilhelma Stuttgart, Weltvogelpark Walsrode en door Wildtierstation Sachsenhagen. Sachsenhagen coördineert ook het vervoer en de verzorging van de eenden uit de meewerkende dierentuinen, en de ringwerkzaamheden. In eerste instantie zal het project vijf jaar duren.

Aantallen
In 2012, het eerste jaar, werden 68 in gevangenschap opgegroeide Witoogeenden vrijgelaten. In 2013 waren dit er 61 (35♂, 26♀). Tussen het begin van het project en juli 2013 (aanvang gebruik van kleurringen) kregen circa 95 eenden alleen een metalen ring. Aan het eind van dit seizoen stond het totale aantal uitgezette exemplaren sinds begin op 129, verdeeld over 64♂♂ en 65♀♀. Vanaf juli 2013 wordt naast een metalen ring nu ook een gele kleurring omgedaan, elk met een individuele code van twee letters. Om de kans op broedsucces te vergroten, kregen in 2015, tot begin september, liefst 152 Witoogeenden de vrijheid (74♂♂, 77♀♀ en één onbepaald), ongeveer twee keer zo veel als in voorgaande jaren! Sinds de aanvang van het project in 2012 zijn tot en met november 2015 in totaal 349 Witoogeenden rond het Steinhuder Meer uitgezet. Midden juni 2015 werden in de omgeving van het Steinhuder Meer voor het eerst jongen waargenomen die door projectvogels in de vrije natuur ter wereld waren gebracht.

Waarnemingen
Van 12 tot en met 15 april 2015 verbleef een paar op een vijver bij een buitensportcentrum tussen Eibergen en Holterhoek. De man droeg rechts een gele ring. Op 20 september 2015 verbleven een juveniel en een adulte man bij Nijkerkersluis op het Nuldernauw. Foto's brachten aan het licht dat de jonge vogel een gele ring met zwarte inscriptie droeg. Bij de adult kon (on)gerindheid niet worden vastgesteld. Op een kolk bij Wercheren in de Ooijpolder zwom op 9 januari 2016 een adulte man met aan de rechterpoot een gele ring. Vermoedelijk dezelfde man verscheen 18 januari op de Kraaienhof, hemelsbreed een kilometer van de kolk..
Van een adulte man 8 november 2015 op de Kraaienhof kon (on)geringdheid niet worden vastgesteld. Hij trok op met een hybride Witoogeend x Tafeleend. Het zou dezelfde (terugkerende) man kunnen zijn van januari 2016. Volgens zeggen zou het paar dat van 4 t/m 9 (♂ tot 10) mei 2015 in de Kleine Gelderse Waard in de Rijnstrangen pleisterde zeker ongeringd zijn. Helaas zijn er geen foto's die dit ondersteunen. Échte paartjes in de zomermaanden worden zelden meer gezien in Gelderland. Het is dan ook opmerkelijk dat nu een paar vlak achter elkaar opduikt in dezelfde hoek. 

Buiten Gelderland is mij een geval van een gele ring bekend, een ♂ op 23 januari 2015 op de Ouderkerkerplas bij Ouderkerk aan de Amstel [NH] droeg er een aan de rechterpoot. Een ♀ op 19 februari 2013 in het Zuiderpark in Den Haag droeg rechts een metalen ring, en zou dan ook een projectvogel kunnen zijn. Helaas kon de ring niet worden afgelezen.

Kleurringen melden
Mocht men een (kleur)geringde Witoogeend tegenkomen, dan wordt het gewaardeerd dit bij het project in Duitsland te melden (zie website hieronder). Om een goed beeld te verkrijgen over het voorkomen (geringde) vogels in Gelderland zijn alle waarnemingen welkom. Dit kan zowel aan bijvoorbeeld Waarneming.nl of per mail aan mij worden doorgegeven. Maak bij invoer in Waarneming.nl aub gebruik van het label '(kleur)ringdragend', en/of beschrijf het met een toelichting. Dit maakt het doorzoeken van de database stukken eenvoudiger! .

Dankwoord
Mijn dank gaat uit naar de mensen die meehielpen of informatie over hun waarneming verstrekten tijdens het zoeken naar gekleurringde Witoogeenden. 
Harvey van Diek wil ik graag danken voor het beschikbaar stellen van zijn foto.

(tekst: Remco Wester, 23 januari 2016)

Webreferenties
NABU Niedersachsen: Moorenten am Steinhuder Meer
Waarneming.nl - Witoogeend- Gelderland 

__________________________________________________
WAARNEMINGEN EN INFORMATIE GEZOCHT
Staat ergens in uw archief of notitieboekje nog een Witoogeend voor Gelderland, of heeft u aanvullende informatie over of beeldmateriaal van deze soort in de provincie? Deze zijn van harte welkom en kunt u, evenals opmerkingen of vragen, mailen aan: avifaunavangelderland@gmail.com.
__________________________________________________
Bezoek ook de website Avifauna van Gelderland

vrijdag 22 januari 2016

Blauwvleugeltaling in Rammelwaard bij Voorst, 10 en 14-18 januari 2016

indien aanvaard derde geval voor Gelderland 
Blauwvleugeltaling, adult ♂, Rammelwaard, Voorst, 16 januari 2016
Alex Bos)
Tijdens een rondje vogelen op 10 januari 2016 kwam Adri Mulder rond kwart voor twee aan bij de kijkhut in de Rammelwaard bij Voorst. Een dik kwartier later kreeg hij een eend in beeld die hij determineerde als een man Blauwvleugeltaling. Hij voerde deze waarneming in op de waarnemingen-app van Waarneming.nl en uploadt 'm met een foto naar de website. Hier merkte Fabian Meijer de vondst op, en zette deze om 14:52 door naar de whatsapp-groep Alerts Gelders VogelNet. Fabian en Tim de Boer reageerden snel en stonden iets over half vier aan de plas in de Rammelwaard. Tot grote vreugde zwom de Blauwvleugeltaling er nog steeds en zo'n vijftien vogelaars kregen 'm hierna tot ver in de schemer in de telescoop.

De volgende dag zochten zo'n tien mensen urenlang de plas in de Rammelwaard zelf en de omgeving af, maar tevergeefs: de dwaalgast leek gevlogen. Onder andere afgeleid uit waarneming.nl, lijkt er de dagen daarna niet gezocht te zijn. In de namiddag van 14 januari troffen Guido Verhoef en Jeroen Voerknecht echter de taling weer aan in de zuidhoek van de plas. Tot opluchting van velen werd hij de volgende ochtend nu wel weer teruggevonden. Ook in de dagen er na, tot en met 18 januari, liet hij zich al dan niet goed zien tussen de vele andere eenden. Zoekacties na de 18e hebben tot heden niets opgeleverd. Op 17 januari zag men in het veld dat de taling geen ringen droeg. Hiervan werden (matige) foto's gemaakt.

VOORKOMEN
Van deze Noord-Amerikaanse broedvogel zijn voor Nederland tot heden 39 gevallen aanvaard door de Commissie Dwaalgasten Nederlandse Avifauna. Voor deze soort geldt voor aanvaarding geen 'omgekeerde bewijslast' (met beeldmateriaal aantonen dat een vogel zéker ongeringd is), maar er zijn enkele waarnemingen bekend die betrekking hadden op vogels uit waterwildcollecties. Ook bij de Rammelwaard-eend dook het gerucht op van een watervogelcollectie in de nabijheid. Hier bleken echter alleen Zwarte Zwanen en dergelijke gehouden te worden, en geen Blauwvleugeltalingen.
De meeste Blauwvleugeltalingen vond men in april-juni (27x). Inmiddels heeft, uitgezonderd juli, elke maand nu wel een aanvaarde vogel, met voor de maanden augustus, oktober, december en januari twee.

GEVALLEN GELDERLAND
Indien de CDNA positief besluit zou dit het derde geval voor de provincie Gelderland zijn. Twee eerdere volgden elkaar vrij snel op. Tijdens een ronde door zijn 'local patch', de Rijkerswoerdse Plassen onder Arnhem, ontdekte Vincent de Boer rond driën op 9 april 1998 twee talingen, een man Zomertaling en, met de kop in de veren, een vrouw, zo dacht hij. Na ontwaken ging deze het water in, waarbij Vincent kenmerken zag die hem aan een man Blauwvleugeltaling deden denken. Na zijn ronde afgemaakt te hebben, leende hij bij Henk Tamerius een telescoop, waarna de determinatie als een zekere kon worden afgerond. Samen met de inmiddels gearriveerde T. Buijs en Henk Tamerius kon hij de man tot zes uur bekijken, waarna ze hem uit het oog verloren. Een jaar later, op 24 april 1999 trof Mark Gal een adulte man in een slenk in de Fraterwaard bij Doesburg. Deze gaf tot en met 28 april de gelegenheid voor een bezoek. Van beide vogels zijn voor zover bekend geen foto's.

Dankwoord
Ik wil Alex Bos hartelijk danken voor het gebruik van zijn foto!

(tekst: Remco Wester, 22 januari 2016)

Referenties
de Boer, V. 1998. Blauwvleugeltaling op de Rijkerswoerdse Plassen. Vlerk 15(2): 64-64

Webreferenties
Waarneming.nl - Blauwvleugeltaling- Gelderland 
Dutchavifauna.nl - Blauwvleugeltaling - http://www.dutchavifauna.nl/species/blauwvleugeltaling

__________________________________________________
WAARNEMINGEN EN INFORMATIE GEZOCHT
Staat ergens in uw archief of notitieboekje nog een Blauwvleugeltaling voor Gelderland, of heeft u aanvullende informatie over of beeldmateriaal van deze soort in de provincie? Deze zijn van harte welkom en kunt u, evenals opmerkingen of vragen, mailen aan: avifaunavangelderland@gmail.com.
__________________________________________________
Bezoek ook de website Avifauna van Gelderland

donderdag 21 januari 2016

Twee IJsduikers Bisonbaai blijken IJsduiker en Parelduiker

Bisonbaai, Ooijpolder, Berg en Dal, 20 januari 2016
Twee IJsduikers? Bisonbaai, Ooijpolder, Berg en Dal, 20 januari 2016 (©Hans van Ooijen)
Op de woensdagochtend van 20 januari 2016 maakte Hans van Ooijen melding van twee IJsduikers op de Bisonbaai in de Ooijpolder. Dat zou een geweldige vondst zijn voor Gelderland, niet eerder zijn in de provincie twee exemplaren bij elkaar gezien. Hij plaatste de waarneming met een foto eerst in de Nijmeegse whatsapp-groep en daarna de waarneming op Waarneming.nl, nu met meer foto's. Er lijken inderdaad twee IJsduikers op te staan.

Later die middag stuurde Hans mij (ongevraagd, maar door mij zeer gewaardeerd) al zijn foto's op, zo'n 70 in getal. Hierdoor was ik misschien in staat, om te zien of het ging om de IJsduikers die eerder bij Didam of bij Zoelen waren gezien. Gelet op de 'vele' duikers afgelopen tijd in Gelderland zou het ook zo maar een nieuwe kunnen zijn...
Al spoedig maakten de foto's echter duidelijk dat het ging om een IJsduiker en (forse) Parelduiker. Kenmerken hiervoor die goed te zien waren, zijn het iets kleinere formaat, de wat meer afgeronde kop (maar op sommige foto's ook weer 'vierkant' lijkend), het ontbreken van de halve donkere ring onder aan de nek, maar bovenal de witte flankvlek.

Zo zie je maar weer dat als je geen goede foto's kunt maken, véél foto's ook handig kunnen zijn.

Dankwoord
Hans van Ooijen dank ik hartelijk voor het mailen van zijn foto's!

(tekst: Remco Wester, 21 januari 2016)

De ontmaskering
Parelsduiker, Bisonbaai, Ooijpolder, Berg en Dal,20 januari 2016
(©Hans van Ooijen)

Links Parel-, rechts IJsduiker, Bisonbaai, Ooijpolder, Berg en Dal,
20 januari 2016 (©Hans van Ooijen)

zondag 10 januari 2016

KREKELZANGER 18 - 20 mei 1997 Tiengeboden, Ooijpolder AANVAARD!

Geen beeld, geen geluid, tóch positief besluit door de CDNA.

Halverwege augustus vorig jaar schreef ik hier over de indiening bij de Commissie Dwaalgasten Nederlandse Avifauna van een Krekelzanger bij Tiengeboden in de Ooijpolder in 1997. Van deze vogel zijn geen foto's of geluidsopnamen. Alleen, de ontdekker Raymond Klaassen had wél zijn vondst uitgebreid beschreven in de Mourik, het blad van de vogelwerkgroep Nijmegen.

Door verdere informatie uit oa regionale literatuur bij elkaar te sprokkelen, en door navraag te doen om een paar details duidelijker te krijgen, was het mogelijk een helder verhaal met een goede beschrijving in te dienen. Gisteren, 9 januari 2016, kwam per mail het besluit van de CDNA binnen: de Krekelzanger van 18 t/m 20 mei 1997 bij Tiengeboden, Ooijpolder is aanvaard!
Dit betekent het achtste aanvaarde geval voor Gelderland




Bovenstaand artikel bij dit stuk gaat niet in zijn geheel over de Krekelzanger. Er worden slechts aan het eind een paar regels aan gewijd. Zulke regels kunnen echter wél nuttige informatie bevatten! Misschien geen kleedkenmerken, maar wel data, namen van personen, locatiedetails, enz, die weer verder onderzoek mogelijk maken. Ze kunnen echter ook de wenkbrauwen doen fronsen. Zoals de zin "Op de dijk stond reeds een hele batterij vogelaars te wachten om een glimp op te vangen van de Krekelzanger..." 
'Een hele batterij'....Gelukkig hebben we de goede beschrijving nog van één persoon :-)

De volgende waarnemingen voor Gelderland zijn nu bekend

aanvaard (8)
  1. 28 - 30 mei 1956 Oude Waal, Ooijpolder, Berg en Dal, ♂ zingend, veldschets (A.P. de Boer, H.C.J. van Oomen)
  2. 5 - 10 juni 1965 Nieuwe Zuider Lingedijk, Lingewaal, ♂ zingend, dia’s (P. Meeth)
  3. 27 - 29 mei 1987 ‘t Rot, Winterswijk, ♂ zingend, geluid (R. Lanjouw, T. Veerman)
  4. 18 - 20 mei 1997 Groenlanden, Ooijpolder, Berg en Dal, ♂ zingend (R. Klaassen, E. van Winden e.a.)
  5. 27 mei - 10 juni 2001 Nieuweweg, Leuven, Lingewaal, ♂ zingend, foto, video, geluid (L.van der Kooij, A. Brenkman e.a.)
  6. 15 - 16 juni 2003 De Bruuk, Groesbeek, Berg en Dal, ♂ zingend, geluid (F. Willems e.a.)
  7. 1 juni 2014 Beekbergerwoud, Beekbergen, Apeldoorn, ♂ zingend, foto, geluid (T. de Boer e.a.)
  8. 15 mei 2015 Kronkelwaard, Cortenoever, Brummen, ♂ zingend, geluid (M. van der Weide e.a.)

niet beoordeeld (6)
  1. 5 juni 1986 Hoog-Keppel, Doesburg, ♂ zingend
  2. 31 mei 1992 De Bruuk, Groesbeek, Berg en Dal, ♂ zingend
  3. 19 mei 1996 Erfkamerlingschap, Rijnwaarden, ♂ zingend
  4. 10 juli 2003 De Bijland, Lobith, Rijnwaarden, ♂ zingend
  5. 15 – 18 juni 2005 Groenlanden, Ooijpolder, Berg en Dal, adult ♂ zingend
  6. 17 mei 2014 Millingerwaard, Ooijpolder, Berg en Dal, ♂ zingend


Dankwoord
Peter Hoppenbrouwers wil ik hartelijk danken voor zijn bijdrage in deze indiening.

(tekst: Remco Wester, 10 januari 2016)


Referenties
van Diek, H. 1997. Crazy Pinksteren 1997. Mourik 23(3): 85-86
Klaassen, R. 1997. Krekelzanger in de Ooijpolder. Mourik 23(3): 88-89
van IJzendoorn, E.J., van der Laan, J & CDNA. 1996. Herziening Nederlandse Avifaunistische lijst 1800-1979: tweede fase. DB 18(4): 157-202

Webreferenties
- Avifauna van Gelderland - Krekelzanger
-Waarneming.nl- Krekelzanger - Gelderland 
- Dutchavifauna.nl - Krekelzanger http://www.dutchavifauna.nl/species/krekelzanger


WAARNEMINGEN EN INFORMATIE GEZOCHT
Staat ergens in uw archief of notitieboekje nog een Krekelzanger voor Gelderland, of heeft u aanvullende informatie, beeldmateriaal of publicaties van waarnemingen in de provincie? Deze zijn van harte welkom en kunt u, evenals opmerkingen of vragen, mailen aan: avifaunavangelderland@gmail.com.
_________________________________________
Bezoek ook de website Avifauna van Gelderland

donderdag 31 december 2015

IJsduiker Bisonbaai ander dan die van Gat van Roelofs?

Vergelijking IJsduikers Bisonbaai, Ooijpolder (26-11 tm 25-12-2015) en Gat van Roelofs, Didam (vanaf 29-12-2015)

Zelf was ik ook al aan het puzzelen geslagen, en op vele foto's aan het zoeken naar kleine kleedkenmerken die overeen, of zouden afwijken tussen de IJsduikers van de Bisonbaai, Ooijpolder en het Gat van Roelofs, Didam. 

Dankzij scherpe foto's en de aandacht er voor, was Rob Zweers opgevallen dat het linkeroog van de Didammerduiker beschadigd lijkt. Ook lijkt het of er teken om heen zitten. Vrij opvallend is ook de bult aan het begin van de ondersnavel aan de linkerkant. 
Ik heb beide eerste kalenderjaarvogels eens boven elkaar gezet.
IJsduiker, 1kj, Bisonbaai, Berg en Dal, 28 december 2015 (©Rob Zweers)

IJsduiker, 1kj, Gat van Roelofs, Montferland, 30 december 2015 
(©Rob Zweers)
Foto's van 24 december laten zien dat de duiker op de Bisonbaai op die dag niks mankeert. Heeft de jonge vogel tussen 25 en 29 december een ongelukje gehad, of is het daadwerkelijk een andere vogel? Het is vaker voorgekomen dat er in één winter meerdere IJsduikers in Gelderland verbleven, maar zo dicht bij elkaar (hemelsbreed 16,5km) is, én ook nog eens 'achter elkaar, is vrij bijzonder

Meer detailfoto's van de IJsduiker van Didam werden gemaakt door Dennis Stronks. Die zijn hier te bekijken

Dankwoord
Dank aan Rob Zweers voor het gebruik van zijn foto's

zaterdag 19 december 2015

Waterspreeuw en archieven

Waterspreeuw. Verspreiding waarnemingen in Gelderland 1900-2015
(Remco Wester)

Tot heden zijn zo'n 1200 waarnemingen van de Waterspreeuw verzameld. Voor het overzicht waren er slechts 977 bruikbaar. Hier zitten niet de waarnemingen bij waarvan ik zeker weet dat die bij een werkgroep in archief zitten.

Het plaatje lijkt overigens geen 977 punten te bevatten. Dit komt door de vele dubbelingen die op elkaar liggen. Maar daar gaat het mij hier niet om. Nee, dat er ca. 223 nog níet bruikbaar waren, van de 1200, dat zijn me er wat teveel. De redenen voor uitsluiting zijn divers, maar in zulke gevallen zoek ik liever eerst naar een dubbelcheck. Vaak zijn aanwijzingen of details, die meer duidelijkheid geven wel te vinden in een archief ergens in de provincie.
Werkgroep-archieven bevatten vaak veel en waardevolle data over het gebied waar ze actief in zijn. Al deze archieven samen geven zo weer een idee over het voorkomen op provinciaal niveau. Waarnemingenarchieven werden en worden vrijwel altijd wel bijgehouden. Hoe nauwkeurig wil nogal eens per club verschillen. Het bijhouden en indexeren van eigen publicaties zoals tijdschriften en rapporten -óók archief!- heeft bij veel werkgroepen vaak lage of vrijwel geen prioriteit. Terwijl ook dat goede bronnen met regionale kennis zijn. Door geschuif tussen archivarissen door de jaren heen, blijkt hier en daar een archief te zijn versnipperd. En meerdere clubs werden al eens geconfronteerd met een iets te enthousiaste oud papier-actie.

Een apart onderdeel zijn de soms tientallen dozen in kelders, kasten of op zolders met beeldmateriaal: films, foto's, en dia's. Véél dia's. Regelmatig blijkt het scannen tot foto's een drempel te zijn om diafoto's weer bruikbaar te maken. Zou dit privé, of binnen werkgroepen, kollektief worden uitgevoerd, dan is er meer ruimte voor mogelijkheden om door te pakken. En ik durf hier al te beweren dat er dan heel wat fraaie oude opnames en ander pareltjes met historische waarde voor vogelend Gelderland tevoorschijn zullen komen. Inventariseer, noteer en publiceer. Hoe meer puntjes op de i voor een goed archief, des te meer puntjes zijn te plaatsen op verspreidingskaarten. 

Mits enige connectie met vogels en Gelderland, zijn indexen van tijdschriften en publicaties van harte welkom. Graag zou ik ook met zoveel mogelijk werkgroepen in contact willen komenom te bekijken of en wat de mogelijkheden zijn voor de Avifauna van Gelderland voor gebruik van archiefdataf. Wil je als persoon of organisatie eens praten hierover of heb je andere voorstellen of vragen, stuur dan gerust een mail naar: avifaunavangelderland@gmail.com

(tekst: Remco Wester, 19 december 2015)
_________________________________________
Bezoek ook de website Avifauna van Gelderland

zondag 29 november 2015

De IJSDUIKER in GELDERLAND

IJsduiker, 1kj, Gat van Roelofs, Didam, Montfoort, 30 december 2015
(©Rob Zweers)

Onderzoek naar het voorkomen van de IJsduiker in Gelderland blijkt geen gemakkelijke. Naast gevallen waar literatuur óf waarnemers een afwijkende leeftijd en/of verblijfsduur opgeven, is er ook onduidelijkheid bij diverse exemplaren op wateren waar de provinciegrens doorheen ligt: zijn ze ook écht binnen de grens geweest? Tot heden zijn circa 29 gevallen bekend uit de periode 1954-2015, naar minimaal tien loopt nog nader onderzoek. Tot en met 1988 beoordeelde de Commissie Dwaalgasten Nederlandse Avifauna de soort. Hierna werden waarnemingen geregistreerd door de Club van Zeetrekwaarnemers en SOVON. Op waarneming.nl worden ingevoerde IJsduikers gevalideerd door admins.

Ondanks zijn formaat kunnen IJsduikers ook in het veld behoorlijk lastig zijn. Ietwat woelig water en veel én lange afstanden duiken kan al voldoende zijn om aan menig vogelaarsblik te ontsnappen en deze zo te laten denken naast de pot te pissen door een schijnbaar vertrokken vogel. Dit kunstje vertoonde recent ook de IJsduiker van de Bisonbaai in de Ooijpolder, die overigens tijdens en vlak na zijn ontdekking 26 november jl eerst als Roodkeelduiker door het leven ging. De slimme vogelaar, die dit duikgedrag kent, zal positie kiezen verderop langs duiklijn -vaak wordt de lijn waarin voorover wordt gedoken aangehouden-, en weet zo fotografisch de kans te pakken van een opduikende vogel voor 'm. Naast liefhebbers van de grote vlakte zijn er soms ook exemplaren die kiezen voor een verblijf dichter aan de kant, zoals in een jachthaven of havenmonding. Gedrag dat ook Parelduikers, en in mindere mate Roodkeelduiker, wel vertonen.

Van vóór 1977, het jaar met de eerste zekere waarneming voor Gelderland, zijn zo'n zes waarnemingen bekend, allen van de Randmeren. Van deze wordt nog uitgezocht of ze ook daadwerkelijk voor Gelderland mogen worden gerekend. Het gaat om een overvliegend exemplaar 20 november 1954 op het Drontermeer, een adult zomerkleed 5 juni 1960 op het noordelijk Veluwemeer en een op 13 november 1960 bij Elburg. Van 'het Veluwemeer' zijn er drie in 1966, op 29 oktober, 4 en 6 november. Ook de IJsduiker op het Amsterdams Rijnkanaal bij Wijk bij Duurstede (27 december 1982-1 januari 1983) staat alleen voor Utrecht genoteerd, maar zwom zo dicht tegen de Gelderse grens aan, dat wordt uitgezocht of destijds misschien de provinciegrens is gepasseerd.

Het eerste zekere geval voor Gelderland in het najaar van 1977 bleek de voorbode van een heuse influx in de provincie met nog eens vier exemplaren. De eerste, in eerste winterkleed, werd 26 november 1977 ontdekt op de Kil van Hurwenen, en verbleef daar tot 5 december 1977. In diezelfde hoek, op de Zandmeren bij Kerkdriel, vond men op 28 november de tweede, ook een eerste winter. Ook deze was tot 5 december aanwezig. De Bijland, nabij Lobith, kende het derde geval, van 11 tot en met 17 december 1977. Dat het verstandig is altijd goed op de leeftijd te letten, maakt de adult van 16 december 1977 op de Kil van Hurwenen duidelijk: de vogel eerder hier was immers een eerste winter. De vijfde dat najaar dobberde op 17 december op het Strandpark bij Slijk-Ewijk in de Overbetuwe. Het is natuurlijk goed mogelijk dat op latere locaties sprake was van een vogel eerder dat najaar.

Voornaamste gebieden waar IJsduikers verschenen waren zandwinplassen langs de grote rivieren en de Randmeren. Vooral het Veluwemeer en het Wolderwijd tegen Harderwijk aan waren diverse keren goed voor een ontdekking. Enkele hiervan zijn: 6 januari 1990, 4 januari 1993, 17 december 1993 - 6 februari 1994, 10 maart - 22 april 2000, 30 november - 24 december 2006 (Harderhaven), 10 december 2006 - 5 januari 2007 (Nijkerkersluis, Nijkerk) en van 20 november - 15 december 2009. Opmerkelijk zijn de vier gevallen op Bussloo, een recreatieplas nabij Wilp(Voorst): van 30 oktober - 15 november 1988, op 11 februari 2002, van 1-25 december 2002 en van 3-10 februari 2008. Erg bizar was de locatie die een IJsduiker van 31 oktober tot en met 4 november 2002 verkoos, namelijk het piepkleine plasje Het Schol in het Woudhuis, een gebied direct ten oosten van Apeldoorn. Op zijn menu stonden onder andere kikkers. Een enkele keer werden duikers op rivieren aangetroffen. Een bekende is de pleisteraar op de Rijn tussen Rhenen en Opheusden, van 20 januari tot en met 7 maart 1987. Van deze wordt zowel adult als eerste winterkleed opgegeven, wat het lastig maakt te beoordelen of de vogel van 30 maart tot en met 1 mei 1987 iets verderop, in de Maneswaard bij Opheusden, nu dezelfde of een ander is.

De vroegste IJsduiker in het najaar is die van 30 oktober 1998 op Bussloo. De laatste in het voorjaar zwom op 8 juni in de Hiensche Uiterwaard bij Dodewaard. Eind oktober verschenen de eerste najaarstrekkers, waarna in november de piek werd bereikt. Enkele nieuwe vondsten tussen half februari en eind maart wijzen op voorjaarstrek. De verblijfsduur in Gelderland varieerde van een dag tot enkele weken en in circa vier gevallen tussen de één en anderhalve maand. Er is één uitschieter: met een verblijf van 31 maart tot en met 8 juni 1984 tikte een IJsduiker liefst 70 dagen af in de Hiensche Uiterwaarden. Op 26 mei was dit om 00.01uur zelfs de eerste soort van een Big Day die Gerald Oreel, Jowi de Roever, Wim van der Schot en Aart Vink die dag hielden. Het doorschieten tot in de zomermaanden is overigens in het binnenland ook bij andere duikersoorten geen ongewoon verschijnsel.

De duiker die 17 november 2002 aan de voet van de Waaldijk dobberde bij Erlecom in de Ooijpolder was zeer waarschijnlijk verzwakt. Want op 19 november trof een vogelaar iets stroomafwaarts, langs de Defensiedijk bij Bemmel, een vers dood juveniel aan in het aanspoelsel langs de rivier. Na te zijn opgezet kreeg deze een plek in de collectie van het Natuurmuseum te Nijmegen. Een betere afloop kende de adult in vrijwel geheel zomerkleed die men 3 november 2006 vond in de Hiensche uiterwaarden. Op de 4e bleek deze namelijk een kunstvis aan een vislijn te hebben opgedoken, waarna de haak aan de snavel vast kwam te zitten. De lijn was hierbij ook nog eens zo om een vleugel gewikkeld, dat de kop alleen naar achter kon worden gehouden. Dit maakte duiken echter niet onmogelijk. Pas na 2,5uur wist de ingeschakelde brandweer 'm te vangen, waarna de Dierenambulance hem overbracht naar een vogelasiel. Daar konden ze haak en lijn verwijderen, en de verwondingen bleken dermate miniem, dat de volgende dag al weer vrijlating volgde aan de Brouwersdam.

Omdat onbekend is of de IJsduiker van 2009 (20nov-15dec) in de Harderhaven aan de Flevozijde van het Veluwemeer, ook het Gelderse deel heeft aangedaan, dateert het laatste zekere geval voor de provincie al weer van 29 maart - 7 april 2008. Een eerste winter zat toen in de Kijfwaard bij Pannerden. Ben benieuwd hoe lang de IJsduiker van de Bisonbaai de vogelaars weet bezig te houden met zijn lange afstandsduiken!

Dankwoord
Rob Zweers wordt hartelijk bedankt voor de foto bij dit stuk. Daarnaast mijn grote dank aan alle werkgroepen en personen die waarnemingen, aanvullende documentatie of foto's aanleverden. Met name Rob Versteeg van de vwg Oost-Veluwe kwam nav dit verslag met aanvullende informatie, welke inmiddels ook in dit stuk is verwerkt
(tekst Remco Wester, 29 november 2015)

Webreferenties
Waarneming.nl- IJsduiker - Gelderland 


WAARNEMINGEN EN INFORMATIE GEZOCHT
Staat ergens in uw archief of notitieboekje nog een IJsduiker voor Gelderland, of heeft u aanvullende informatie, beeldmateriaal of publicaties van waarnemingen in de provincie? Deze zijn van harte welkom en kunt u, evenals opmerkingen of vragen, mailen aan: avifaunavangelderland@gmail.com.
_________________________________________
Bezoek ook de website Avifauna van Gelderland